WIM T. SCHIPPERS: BEELDEND WERK - Winnaar Van Looyprijs 2005

24.09.2005 - 04.12.2005

Creativiteit, onvoorspelbaarheid, veelzijdigheid: ze kenmerken het werk van Wim T. Schippers. Hij heeft veel teweeggebracht. Niet alleen als beeldend kunstenaar, maar ook als schrijver met opmerkelijke taalvondsten, als maker van talloze theater-, televisie- en radioprogramma’s, als componist en als musicus.

Telkens weer is zijn werk vooruitstrevend, verwarrend én verrassend. Om deze redenen is aan Wim T. Schippers de Van Looyprijs 2005 toegekend.

Deze vijfjaarlijkse prijs voor een dubbeltalent is vernoemd naar de Haarlemse schilder-schrijver Jacobus van Looy (1855-1930). Ter gelegenheid van de toekenning van deze prijs werd in De Hallen een tentoonstelling van het beeldend werk van Wim T. Schippers ingericht. Voor deze expositie werden tekeningen, collages, assemblages en (kinetische) objecten van de kunstenaar geselecteerd uit de jaren ‘60 tot heden, waaronder werken die speciaal voor de expositie zijn gemaakt. 

Woorden

Wim T. Schippers (Groningen, 1942) is in het geheugen van velen gegrift door zijn vroegste acties: het leeggooien van een flesje limonade in zee bij Petten (1963), of bijvoorbeeld zijn beschrijving van de Nederlandse gehaktbal, paginagroot afgedrukt in Vrij Nederland (1965). Daarna volgden spraakmakende series voor televisie en radio waarmee hij nationale helden creëerde als Hoepla’s Phil Bloom, Fred Haché, Barend Servet, Sjef van Oekel en Jacques Plafond. En nog altijd is er de stem van Ernie in de afleveringen van Sesamstraat. Schippers verrijkte de Nederlandse taal met allerlei nieuwe woorden (gekte, pollens, brimstig). Hij merkte hierover ooit op: ‘Pollens, zo’n woord wil ik introduceren om het een betekenis te geven. Het komt uit een Latijns woordenboek en betekent zoiets als talrijk of krachtig … je geeft ermee aan dat een woord ook maar wat klanken zijn waarvan de betekenis is ingevuld… De mensen gebruiken de taal magisch hoor, vooral als ze het over God hebben, en dat is toch ook maar een klankje waar een afspraak aan verbonden is. Ik vind het leuk om die afspraakjes te ondergraven, te laten zien dat niks moet.’

Beelden

Een jonge Wim Schippers (de T. werd later toegevoegd) begon in 1959 aan de grafische opleiding van het Instituut voor Kunstnijverheidsonderwijs, de latere Rietveld Academie, in Amsterdam. De eerste jaren werd Schippers geïnspireerd door de lessen van Jan Elburg - die hem vond tekenen als een jonge god - en was hij geboeid door de illustratieve tekeningen van Peter van Straaten en de etsen van Anton Heyboer. De expressionistische stijl van zijn eerste tekeningen veranderde al vrij snel: ondefinieerbare vormen met hier en daar ‘slappe lijnen’ en soms opgeplakte stukken papier waren het begin van een ‘Schippers-stijl’. Zijn tekeningen en collages werden al spoedig door Willem Sandberg, de toenmalige directeur van het Stedelijk Museum aangekocht.

Fluxus

Samen met zijn studiegenoten Ger van Elk en Bob Wesdorp begon Wim T. Schippers in 1961

a-dynamische kunst te maken. De A-dynamische Groep vond inspiratie bij Marcel Duchamp en andere Dadaïsten en pleitte in Het eerste (voorlopige) a-dynamische manifest voor ‘waarachtige oninteressantie’, stijlloosheid, ‘slapte’ en het bewust niet-uitvoeren van ‘onuitvoerbare plannen’ (‘werken die bestaan uit de gratie van het nimmer uitvoerbaar zijn.’). Alle aandacht werd gericht op de ‘saaiheid’ van alledaagse materialen en voorwerpen. Deze ideeën sloten aan bij de internationale Fluxusbeweging, uit het begin van de jaren 1960. Fluxus wilde kunst uit de ivoren torens van de musea halen. Kunst moest speelser worden, aansluiting vinden bij het leven van alledag en gebruik maken van gewone materialen. Taal, theater, film, muziek, het eigen lichaam: alles kon tegelijkertijd en door elkaar worden gebruikt. De Fluxusgedachte is nooit uit het werk van Wim T. Schippers verdwenen.

‘Waarom’, vroeg Wim T. Schippers zich af, ‘moet kunst altijd over grote gevoelens gaan? Waarom geen geurententoonstelling, zoals de diepe geur van het potlood, die herinneringen oproept aan school en kantoor?’. En: ‘Niks ligt vast. “Waarom zou je het ánders doen?” vragen mensen. Dat wil ik nu juist wél. Steeds alles anders doen, steeds iets nieuws’.

Dat doet Wim T. Schippers tot op de dag van vandaag, altijd met een uiterste precisie, zorgvuldige materiaalkeuze, en een gevoelig oog voor details.