RON MUECK - Hyperrealistische beelden van ongewone formaten

15.11.2003 - 18.01.2004

De naakte, eenzame mens is het thema van de in 1958 in Australië geboren kunstenaar Ron Mueck. Zijn hyperrealistische beelden, van heel klein tot supergroot, werken verontrustend en indringend. De figuren, een hoogzwangere vrouw, een moeder met haar pasgeboren baby op haar buik, een ingebakerde baby, een man in een boot, een zelfportret en mensen in verschillende stadia van ouderdom, zijn tot in de haarpunten zo echt gemaakt dat je geneigd bent ze aan te spreken. Sinds zijn sensationele debuut in 1997 op de tentoonstelling Sensation: Young British Artists from the Saatchi Collection in de Londense Royal Academy zorgen Mueck’s beelden wereldwijd voor grote beroering. Op de tentoonstelling die eerder te zien was in het Museum of Contemporary Art in Sydney, in de National Gallery in Londen en in de Hamburger Bahnhof in Berlijn, waren tien beelden te zien.

Ruim twintig jaar werkte Ron Mueck als poppenmaker voor televisie, film en KitKat-commercials toen het beeldje Pinocchio (1996), een klein, ondeugend jongetje, op de overzichtstentoonstelling van de kunstenares Paula Rego – de schoonmoeder van Mueck – in de Hayward Gallery werd opgenomen. Charles Saatchi merkte dit ongewone beeldje op. Hij nodigde Mueck uit voor zijn spraakmakende tentoonstelling in 1997 van jonge Britse kunstenaars ( de YbA’s). Het kleine, stille beeld van Mueck’s dode vader, natuurgetrouw tot op de beharing van zijn benen, baarde veel opzien. In 1999 werd Mueck gevraagd om in de ateliers van de National Gallery in Londen werk te maken in relatie tot de wereldberoemde collectie van dit museum.

De laatste jaren concentreert de kunstenaar zich op de meest ingrijpende momenten in een mensenleven: geboorte en dood. Behalve zwangerschap en geboorte maakte Mueck beelden van oude mensen, heel moe, soms bijna dood. In 2001 was het bijna 5 meter hoge beeld van een hurkende jongen het meest gefotografeerde beeld van de Biënnale van Venetië.

Met zijn onnavolgbare vaardigheid en grote technische bekwaamheid sluit Mueck aan bij het vakmanschap dat de Westerse kunst tot de tweede helft van de negentiende eeuw domineerde. Hij werkt naar levende modellen en naar anatomieboeken. Na een aantal modelstudies maakt Mueck het beeld van klei, levensecht tot in de kleinste rimpels van de huid. Het formaat van een kiest de kunstenaar bij het onderwerp: soms kleiner, soms groter dan in werkelijkheid. Hiervan wordt een mal gemaakt die van binnen met pigment wordt bestreken en daarna gevuld met siliconen en fiberglas. Daarna volgen maandenlange werkzaamheden waarin de huid op kleur gebracht wordt en de haren één voor één worden ingeplant.

Ondanks het huiveringwekkende realisme, zien de beelden van Mueck er kwetsbaar en introvert uit. Ze lijken te bestaan in hun eigen, voor onze blikken afgesloten universum.