ROGER BALLEN - Kamer van duisternis

24.09.2005 - 04.12.2005

Roger Ballen (New York, 1950) geniet wereldfaam met zijn verontrustende foto’s van arme, gedegenereerde blanken die aan de rand van de Zuid-Afrikaanse maatschappij leven. Vanaf 2000 maakte Ballen over dit onderwerp opnieuw een uiterst curieuze serie foto’s met nachtmerrieachtige scènes, Shadow Chamber.

Deze serie werd in het najaar van 2005 in De Hallen Haarlem voor het eerst in Europa getoond. Voor deze overzichtstentoonstelling was ook werk geselecteerd uit de eerdere reeks Outland (2001) en het fotoboek Platteland. Rural South Africa (1994).

De tentoonstelling reisde na Haarlem door naar Antwerpen, Hamburg en Madrid.

Roger Ballen

Ballen kwam al vroeg met fotografie in aanraking via zijn moeder, die bij het beroemde fotocollectief Magnum werkte en tevens een fotogalerie had in New York. Daar toonde zij werk van grootmeesters als Edward Steichen, Cartier-Bresson en Paul Strand. Na zijn studie geologie aan de Universiteit van Berkely maakte Ballen als rugzaktoerist een wereldreis van vijf jaar die hem voerde naar onder meer Griekenland, Nepal, Israël, Egypte en uiteindelijk in 1974 naar Kaapstad. In 1982 vestigde hij zich definitief in Zuid-Afrika, waar hij werk vond als geoloog in de mijnindustrie. Tijdens zijn vele reizen door het verlaten platteland op zoek naar delfstoffen, begon Ballen foto’s te maken van de mensen die hij ontmoette. Al spoedig ging hij zich professioneel met fotografie bezighouden en inmiddels heeft hij al zes fotoboeken gepubliceerd en een indrukwekkende hoeveelheid internationale tentoonstellingen gehad.

Roger Ballens werk is opgenomen in collecties van onder andere het Stedelijk Museum Amsterdam, het MOMA in New York, Museum Folkwang in Essen, het Los Angeles County Museum en het Victoria and Albert Museum in Londen. In 2002 werd hij tijdens het prestigieuze fotofestival van Arles tot ‘fotograaf van het jaar’ gekozen en behoorde hij tot de genomineerden voor de Citibank Photography Prize in Londen. Een jaar eerder werd een van zijn foto’s bekroond als ‘Unicef foto van het jaar’ en verkoos het tijdschrift Photo Eye zijn boek Outland tot het beste fotografieboek van het jaar.

Outcasts

Toen het fotoboek Platteland. Images of a rural South Africa in 1994 verscheen, een boek vol portretten van arme, gedegenereerde blanken, leidde dat onder de blanke bevolking tot grote verontwaardiging. Volgens conservatief rechts had Ballen het Afrikaner volk verraden. Hij had zijn camera immers niet gericht op de geprivilegieerde, succesvolle blanken, maar juist op de mismaakte en misdeelde blanken die onder de armoedegrens leefden. “Waar het mij om ging”, zo vertelt Ballen, “was dat deze mensen verondersteld werden niet te bestaan in Zuid-Afrika. Zuid-Afrika was het land van de geslaagde, superieure blanke die van zijn blanke volk een succes had gemaakt. Ik verstoorde die idyllische droom. Erger, ik liet zien dat het systeem gefaald had voor hun eigen mensen.” Toch was het boek in eerste instantie niet bedoeld als een provocatie, laat staan dat hij mensen belachelijk wilde maken. Het ging hem erom dat hij op een aansprekende manier vorm wilde geven aan angst, aan het geen controle hebben over je leven.

In zijn boek Outland (2001) nam hij geen genoegen meer met het natuurlijke decor van zijn figuranten, maar zette hij de zaken naar zijn eigen hand. Hij veranderde de omgeving, met takken, kabels, dode dieren of andere rekwisieten en creëerde zo zelf de gewenste setting. In deze foto’s gaat het niet langer om ‘uitzonderlijke’ mensen, maar zoekt hij naar het ongerijmde en het groteske. Hij betreedt het domein waarin het verstand het aflegt tegen lichamelijke, morele en psychische onttakeling.