OTTO B. DE KAT - Overzichtstentoonstelling

13.07.2002 - 08.09.2002

Van 13 juli tot en met 8 september was in De Hallen Haarlem een overzichtstentoonstelling te zien van het werk van Otto B. de Kat (1907-1995). Het oeuvre van Otto B. de Kat is omvangrijk en zeer gevarieerd. Hij schilderde landschappen, stadsgezichten, portretten, stillevens en interieurs. Vanaf het begin van de jaren zestig ontwikkelde De Kat een geheel eigen, direct herkenbare stijl. Hoewel zijn werk vrijwel altijd figuratief is, wordt de voorstelling, soms sterk, soms minder sterk, geabstraheerd. Hierdoor maken de schilderijen zowel een moderne als een traditionele indruk. Kenmerkend is het gebruik van aan elkaar verwante tonen met hier en daar contrasterende kleurenaccenten in rood en groen, aangebracht met penseel en paletmes. De tentoonstelling werd georganiseerd ter gelegenheid van de verschijning van de omvangrijke oeuvrecatalogus. Tal van particuliere verzamelaars en musea stelden werken voor de expositie beschikbaar. 

Schilderijen en tekeningen.

Het uitgangspunt voor De Kat is steeds de zichtbare werkelijkheid geweest. Zijn schilderijen lijken vlotte impressies, maar zijn het meestal niet. Onderwerpen uit zijn dagelijkse omgeving werden door hem op een overwogen manier vereenvoudigd en soms bijna abstract weergegeven. 
De Kat werd beïnvloed door de Haarlemse schilders Henri Boot en Kees Verwey, met wie hij in 1946 de 'Hollandse Aquarellisten Kring' oprichtte. Ook is een invloed van Franse, negentiende-eeuwse kunstenaars onmiskenbaar, zoals van impressionisten en van postimpressionisten als Bonnard, Vuillard en Matisse. 
Ondanks deze diversiteit aan inspiratiebronnen wist De Kat een heel eigen karakter en stijl te behouden, waarin stemming en harmonie een belangrijke rol spelen.
De Kat reisde veel en verbleef regelmatig langere tijd in het buitenland. Zijn reisimpressies van de Auvergne, het Pays de Loire en België, maar ook van Denemarken en Engeland, nemen een belangrijke plaats in op de tentoonstelling.

Otto B. de Kat 

De Kat, geboren in 1907 te Dordrecht, studeerde aan de School voor Bouwkunde, Versierende Kunsten en Kunstambachten in Haarlem, waar hij een opleiding volgde tot bouwkundig tekenaar. In 1927 was hij student aan de Rijksacademie te Amsterdam, waarna hij voor een jaar naar Parijs vertrok. Daar bestudeerde hij impressionistische schilderijen en kwam hij in contact met abstract werkende kunstenaars als Zadkine, Van Doesburg en Mondriaan. Het was in Parijs dat De Kat voor het eerst zelf met schilderen begon.
In Haarlem en omgeving bracht hij het grootste deel van zijn leven door, maar hij maakte ook regelmatig lange reizen naar het buitenland. 
In 1955 werd hij benoemd tot hoogleraar aan de Rijksacademie. Deze aanstelling, die hij tot 1972 vervulde, combineerde hij met het werken aan een omvangrijk oeuvre. Tegelijkertijd speelde hij een belangrijke rol in Haarlemse en Amsterdamse kunstkringen. 

Catalogus

In de omvangrijke oeuvrecatalogus Otto B. de Kat, leven en werk (1907-1995) behandelen diverse auteurs het werk van De Kat en de achtergronden daarvan, evenals De Kats betekenis als kunstcriticus en als hoogleraar aan de Rijksacademie te Amsterdam. Het boek beschrijft uitvoerig het kleurrijke leven en het omvangrijke oeuvre van de kunstenaar, terwijl de tentoonstelling aan de hand van circa 45 schilderijen en een aanzienlijk aantal tekeningen en grafische werken een representatief beeld geeft van de ontwikkeling van het werk van Otto B. de Kat.