NACHTDIEREN - Selectie uit de Cobra verzameling

22.12.2001 - 03.03.2002

In de Verweyhal werd onder de titel Nachtdieren een selectie van tachtig werken getoond uit de verzameling Cobra van het Frans Hals Museum. De eerste aankopen dateren uit 1956, toen het museum werk van Karel Appel en Constant kocht bij de vermaarde galerie Espace. Inmiddels bestaat de verzameling Cobra uit meer dan 150 werken. Uit deze imposante verzameling zijn de mooiste schilderijen, gouaches en grafische werken geselecteerd van Karel Appel, Constant, Corneille, Lucebert, Jan Elburg, Antoon Rooskens en de Belgische schilder Pierre Alechinsky. Op de tentoonstelling is eveneens een tekening te bewonderen van Jan Elburg, die gemaakt is met kaarsvet. Dit bijzondere werk is enkele weken geleden aan het museum geschonken door Michèle Elburg. 

Nachtdieren

Nachtdieren is de titel van een gouache van Constant uit 1946 in de collectie. Met dit werk legde hij de basis voor de beeldtaal die zo typerend is voor het werk van de Cobra kunstenaars. Dit schilderij vertolkt de energie en de ongeremde vrijheidsdrang van een jonge generatie kunstenaars die zich na de oorlog anti-autoritair opstelde, en zich keerde tegen toenmalige avant gardistische stromingen in de literaire en beeldende kunst.

Toen Constant Nachtdieren schilderde, had hij Appel en Corneille nog niet ontmoet. “Een schilderij is niet een bouwsel van kleuren en lijnen, maar een dier, een nacht, een schreeuw, een mens of dat alles samen”, schreef hij in 1948. Deze zin werd gepubliceerd in het manifest van de Nederlandse Experimentele Groep, die Constant samen met Appel en Corneille in juli 1948 oprichtte. Aan het einde van dit jaar werd met de Deens kunstenaar Asger Jorn en de Belgen Dotremont en Noiret de internationale Cobra-beweging in het leven geroepen.

Nieuw Babylon

Een aparte plaats in deze tentoonstelling hadden de 69 etsen van Constants ambitieuze project Nieuw Babylon uit de jaren zestig. Deze architectonische fantasieën over een nomadenkamp op wereldschaal werden in 1979 aan het museum geschonken. Constant baseerde zijn Nieuw Babylonop de overtuiging dat automatisering en technocratie in combinatie met een socialisering van de maatschappij de mens uiteindelijk ‘vrij’ zouden maken. Door het verdwijnen van de productiearbeid zou de homo ludens ontstaan die een zwervend, creatief bestaan zou leiden.

Schenking 

Op de overzichtstentoonstelling “Echt raak is dodelijk. Ook voor de kunst” in de Verweyhal (najaar 1999) was een tekening te zien van de dichter en beeldend kunstenaar Jan Elburg (1919 1992). Deze tekening is omstreeks 1950 gemaakt met verf en een kaarsstompje. Het opvallende karakter van deze tekening ontstond doordat vet (kaars) en water (verf) elkaar afstootten. Jan Elburg kwam op het idee deze techniek toe te passen door de litho’s die zijn vrienden Karel Appel en Corneille maakten. Lithografie (steendruk) is immers gebaseerd op hetzelfde principe van het elkaar afstoten van vet (inkt) en water (de bevochtigde, niet-betekende delen van een lithosteen). “Er zat voor een kinderlijke geest als de mijne iets betoverends in als je, na met een kaarsstompje, nooit helemaal voorspelbaar, je ondergrond te hebben getekend, met een brede kwast waterverf er opeens de voorstelling wakker riep.” De tekening werd door Michèle Elburg, de vrouw van de kunstenaar, aan het museum geschonken.